Oefenwereld.nl: Maak alle website reclamevrij! Spellingoefenen.nl: Spelling oefenen voor groep 3,4,5,6,7 en 8 Taaloefenen.nl: Taal oefenen voor groep 3,4,5,6,7 en 8 Sommenoefenen.nl: Sommen oefenen voor groep 3,4,5,6,7 en 8 Redactiesommen.nl: Cito rekenen met verhaaltjessommen


Naam: ___________________________________       Niveau: Groep 7 - Eind


1
Marit heeft € 200,- geleend van haar vader. Ze betaalt na een maand
2/5
deel terug. Hoeveel euro moet Marit daarna nog terugbetalen?
_______________________120_______________________ euro
2
3/5
deel van de pannenkoeken is gebakken met spek.
2/10
deel is gebakken met appel. De rest van de pannenkoeken is naturel. Welk deel is dat?
Schrijf hiernaast een breuk
1
5
3
Lizzy drinkt
4/7
deel van een glas water,
5/7
deel van een glas cola en ook nog
3/7
deel van een glas appelsap leeg. Hoeveel glazen heeft Lizzy leeg gedronken?
Schrijf hiernaast een heel getal en een breuk
1
  
5
7
4
Wie van de kinderen heeft de grootste breuk opgeschreven?
X 
      Mike: 4/6    
      Lars: 4/9    
      Nynke: 1/18    
      Lieke: 1/3    
5
De politie van Amsterdam heeft in een week tijd 1600 boetes uitgedeeld.
1/4
waren boetes voor het rijden door het rode licht. Hoeveel boetes waren dat?
_______________________400_______________________ boetes
6
De moeder van Isabella bestelt
4/6
aardbeienvlaai,
3/6
chocoladevlaai en
2/6
kersenvlaai. Hoeveel vlaai bestelt de moeder van Isabella in totaal?
Schrijf hiernaast een heel getal en een breuk
1
  
1
2
7
Vier vrienden schrijven allemaal een getal met een breuk op. Welke ligt het dichtst bij 5?
X 
      Kay: 5 1/8    
      Rafael: 4 3/4    
      Tijmen: 5 1/2    
      Merijn: 4 4/5    
8
De hotelovernachting kost € 300,-. Valerie betaalt tijdens de boeking al
5/6
deel. Hoeveel euro moet Valerie later nog betalen?
_______________________50_______________________ euro
9
7/9
van de € 360,- die Leah had gespaard is al op. Hoeveel euro heeft Leah nu nog?
_______________________80_______________________ euro
10
De meester schrijft op het bord 1
3/5
, 1
4/10
en 1
1/2
. Welke is het grootst?
X 
      1 3/5    
      1 4/10    
      1 1/2