Oefenwereld.nl: Maak alle website reclamevrij! Spellingoefenen.nl: Spelling oefenen voor groep 3,4,5,6,7 en 8 Taaloefenen.nl: Taal oefenen voor groep 3,4,5,6,7 en 8 Sommenoefenen.nl: Sommen oefenen voor groep 3,4,5,6,7 en 8 Redactiesommen.nl: Cito rekenen met verhaaltjessommen


Naam: ___________________________________       Niveau: Groep 7 - Eind


1
Wie van de kinderen heeft de grootste breuk opgeschreven?
      Vera: 1/18    
      Boaz: 4/9    
X 
      Jesper: 4/6    
      Leah: 1/3    
2
De politie van Amsterdam heeft in een week tijd 2100 boetes uitgedeeld.
1/3
waren boetes voor het rijden door het rode licht. Hoeveel boetes waren dat?
_______________________700_______________________ boetes
3
Voor een recept heeft Sam
3/5
liter water klaarstaan. Ze gebruikt
3/10
liter. Hoeveel liter heeft ze nog over?
Schrijf hiernaast een breuk
3
10
4
Lina drinkt
5/6
deel van een glas water,
3/6
deel van een glas cola en ook nog
2/6
deel van een glas appelsap leeg. Hoeveel glazen heeft Lina leeg gedronken?
Schrijf hiernaast een heel getal en een breuk
1
  
2
3
5
Jorn bestelt bij de pizzeria
4/5
pizza salami en
2/5
pizza kaas. Hoeveel pizza bestelt Jorn in totaal?
Schrijf hiernaast een heel getal en een breuk
1
  
1
5
6
De metselaars willen in twee dagen 2400 stenen gemetseld hebben. Na een dag hebben ze
2/3
deel gedaan. Hoeveel stenen hebben ze dan al gemetseld?
_______________________1600_______________________ stenen
7
Marit heeft € 220,- geleend van haar vader. Ze betaalt na een maand
1/5
deel terug. Hoeveel euro moet Marit daarna nog terugbetalen?
_______________________176_______________________ euro
8
Berend en Levy doen een spelletje. Berend schrijft 2,75 op als kommagetal. Levy moet precies dezelfde hoeveelheid opschrijven als getal met een breuk. Wat moet Levy opschrijven?
Schrijf hiernaast een heel getal en een breuk
2
  
3
4
9
De familie van Merijn moet 300 kilometer rijden. Ze hebben
3/4
deel gereden, voordat ze gaan eten. Hoeveel kilometer moeten ze na het eten nog rijden?
_______________________75_______________________ kilometer
10
7/9
van de € 360,- die Rana had gespaard is al op. Hoeveel euro heeft Rana nu nog?
_______________________80_______________________ euro